Jaarrekening

Waarderingsgrondslagen

Inleiding
De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording Provincies en gemeenten daarvoor geeft.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende onderdeel anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.

De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar gesteld wordt.

De informatievoorziening van het CAK naar de gemeente is om privacy redenen beperkt. Hierdoor kan de gemeente niet de juistheid en volledigheid op persoonsniveau en op totaalniveau van de eigen bijdragen vaststellen. In de kadernota rechtmatigheid 2019 van de commissie BBV geeft de commissie aan dat de wetgever in feite bepaald heeft dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdrage geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dit betekent dat wij als gemeente geen zekerheid omtrent de omvang en de hoogte van de eigen bijdrage kunnen krijgen. In onze jaarrekening is dus sprake van een (marginale) onzekerheid ten aanzien van deze eigen bijdrage, ook al ligt de oorzaak hiervan niet bij ons als gemeente.

Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Door het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt.

Balans

Vaste activa

Immateriële vaste activa

Agio op obligaties

De afschrijving op de agio van de aangekochte obligaties vindt plaats conform de wettelijke voorschriften.

Onderzoek en ontwikkeling

Kosten voor onderzoek en ontwikkeling (voorbereidingskosten) kunnen worden geactiveerd. De afschrijvingsduur is maximaal vijf jaar.

Materiële vaste activa met economisch nut.
In erfpacht uitgegeven gronden
De in erfpacht uitgegeven percelen zijn gewaardeerd tegen de eerste uitgifteprijs (i.c. de waarde die bij eerste uitgifte als basis voor de canonberekening in aanmerking is genomen).
Gronden uitgegeven in eeuwig durende erfpacht worden conform BBV gewaardeerd op € 1.

Warme gronden
Gronden verworven met het oog op gebiedsontwikkeling, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld, worden aangeduid als 'warme gronden' en conform de notitie grondbeleid van de Commissie BBV verantwoord tegen de verwervingskosten. Eventuele duurzame waardevermindering wordt niet in aanmerking genomen wanneer aan de in de notitie grondbeleid opgenomen cumulatieve voorwaarden is voldaan.

Overige investeringen met economisch nut
Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijging- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven.
Slijtende investeringen worden ingaande het jaar na investering annuïtair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.
Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze vermindering naar verwachting duurzaam is.
Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken.

De belangrijkste gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Gronden en terreinen      n.v.t.
Riolering      diverse termijnen
Woonruimten      40
Bedrijfsgebouwen (steen)      40
Vervoermiddelen (> 2.000 kilo)        8
Machines, apparaten en installaties        5
Installaties sportterreinen      15
Inventaris      10
ICT, software       5 (maximaal)
ICT, hardware       5 (maximaal)
Overschrijdingen op investeringen worden toegelicht.

Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut.
Investeringen infrastructurele werken in de openbare ruimte, zoals bijvoorbeeld wegen, pleinen, bruggen, viaducten en parken, > € 25.000 worden conform de nota Activa en afschrijvingen 2017 geactiveerd.  

De belangrijkste gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Wegen               25-70
Kunstwerken            25-80
Openbare verlichting - Masten      40
Openbare verlichting - Armaturen   20
Beschoeiingen            10-50
Nautisch en vaarwegenbeheer      10-40
Speelvoorzieningen         8

Financiële vaste activa
Leningen u/g aan gemeenschappelijke regelingen zijn opgenomen tegen nominale waarde.

Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (‘kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen’ in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Tot dusver is een dergelijke afwaardering gelukkig niet noodzakelijk gebleken. De actuele waarde ligt boven de verkrijgingsprijs.

Obligaties worden geactiveerd tegen nominale waarde.

Vlottende activa

Voorraden
De als ‘onderhanden werken’ opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijp maken). Ook een redelijk te achten aandeel in de rentekosten en de administratie- en beheerskosten valt hieronder.
Winsten uit de grondexploitatie worden slechts genomen indien en voor zover die in voldoende mate van betrouwbaarheid als gerealiseerd aangemerkt kunnen worden. Zolang daarvan geen sprake is worden de verkregen verkoopopbrengsten helemaal op de vervaardigingskosten in mindering gebracht.

Op basis van de regelgeving van het BBV (besluit, begroting en verantwoording) moet verplichte tussentijdse winst worden genomen voor positieve complexen die nog niet werden afgesloten. Dit gebeurd op basis van de POC-methode (percentage of completion), waarbij de voortgang van het project en de realisatie van kosten en opbrengsten in acht worden genomen. Bij de actualisatie 2020 is door de raad een Reserve winstneming ingesteld waarin de tussentijds genomen winst wordt gereserveerd totdat de betreffende grondexploitatie wordt afgesloten.

Vorderingen en overlopende activa
De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Liquide middelen en overlopende posten.
Deze activa  worden tegen nominale waarde opgenomen.

Eigen Vermogen

In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van de gemeenteraad. Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene reserve en bestemmingsreserves. Zodra de raad aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een raadsbesluit genomen voor het einde van het begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Voorzieningen

Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies.
De pensioenverplichting voor de wethouders is echter op de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd.
De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die hiervoor geformuleerd zijn. In de paragraaf ‘onderhoud kapitaalgoederen’ die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid hiervoor nader uiteengezet.
Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden.

Vaste schulden

Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente-typische looptijd van één jaar of langer.

Vlottende passiva

De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Borg- en Garantstellingen

Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.

Deze pagina is gebouwd op 07/06/2021 08:43:50 met de export van 07/06/2021 08:33:41